3 februari 2018

Beantwoording vragen werkdruk bij SEH, ADRZ

Beantwoording schriftelijke vragen artikel 34 inzake spreiding werkdruk op afdeling Spoedeisende Hulp (SEH) ADRZ

Geachte mevrouw/heer,
Naar aanleiding van de door uw fractie ingediende vragen ex artikel 34 RvO informeren wij u als volgt.

Uw inleiding
Naar aanleiding van de NOS-uitzending "werkdruk op de spoedeisende hulp" en het artikel in de PZC "ziekenhuizen in Vlissingen en Zierikzee nodig om ADRZ overeind te houden" van 27 december jl., wil de SGP de volgende vragen stellen:

Vraag 1
De berichten in de uitzending van NOS komen naar aanleiding van een onderzoek bij SEH's van 19 ziekenhuizen in Nederland, uitgevoerd door de Universiteit Leiden. Onbekend is of de SEH van het ADRZ ook onderdeel heeft uitgemaakt van het onderzoek. Is het college op de hoogte van de bewuste NOS-uitzending en het artikel in de PZC?
Ons antwoord. Ja, het college is op de hoogte van de uitzending en het artikel in de PZC.
Vraag 2
Uit het onderzoek komt naar voren dat SEH-artsen grote werkdruk ervaren. Hoewel het bevlogen mensen zijn die met hart voor de patiënt hun werk doen, zegt 60% extreem hoge
werkdruk te ervaren en 40% noemt zichzelf emotioneel uitgeput. Ook overweegt 33% van de artsen ander werk te willen zoeken. Mocht dit ook bij SEH-artsen in het ADRZ het geval zijn, dan vindt de SGP dit een niet te negeren probleem en is van mening dat dit ook bij bestuurlijke en volksvertegenwoordigende instanties (gemeenten/provincie) extra en blijvende aandacht behoeft en zelfs dat er  megedacht moet worden aan oplossingen. Is het ollege het hiermee eens?
Ons antwoord. Het ADRZ geeft aan dat de SEH in Goes niet heeft deelgenomen aan het onderzoek, maar dat zij het beeld van een hoge werkdruk wel herkennen. Het college deelt de zorgen over de
hoge werkdruk en de mogelijke gevolgen voor de kwaliteit van de zorg, maar heeft geen rol in de bedrijfsvoering van het ADRZ.
Vraag 3
De hoge werkdruk op SEH's van ziekenhuizen wordt in hoge mate veroorzaakt door de toenemende vergrijzing, waardoor zich patiënten melden met complexere problemen.
Aangezien de bevolking van Zeeland in snel tempo vergrijst, kan de SGP zich heel goed voorstellen dat de SEH van het ADRZ hier ook mee te maken heeft. Deelt het college deze
mening?
Ons antwoord. Ja, het college deelt deze mening en dit beeld wordt ook bevestigd door het ADRZ: “De patiënt op de SEH heeft vaker meervoudige problemen. En de (ver)zorg(ings)vraag neemt
sterk toe.”
Vraag 4
In het onderzoek wordt ook gesproken van toenemende agressie tegen artsen en verpleegkundigen van de SEH's. Dit wordt mede veroorzaakt door het toenemende aantal
psychische patiënten dat zich op de Spoedeisende Hulp meldt, omdat er op de psychische hulp is bezuinigd. Kan het college, net als de SGP, zich voorstellen dat ook het SEHpersoneel in het ADRZ met deze toenemende agressie te maken heeft?
Ons antwoord. Ja, het ADRZ geeft hierover aan: “Wij zien veranderingen bij het type patiënt dat de SEH bezoekt, daarnaast is ook de claim die gelegd wordt op de zorgverleners door familie en begeleiding veranderd. Niet zelden voelt het personeel op de SEH zich onheus bejegend of zelfs bedreigd”.
Vraag 5
In het artikel van de PZC zegt de voorzitter van de Raad van Bestuur dat zorgverzekeraars aan het ADRZ vragen of zij specialismen aan andere ziekenhuizen kunnen overlaten. In het artikel wordt dan specifiek de afdeling SEH genoemd. De reden dat de zorgverzekeraars dit vragen is omdat de zorg dan goedkoper kan worden uitgevoerd. Het bestuur van het ADRZ antwoordt hier ontkennend op met als reden dat alle specialismen op de SEH aanwezig moeten zijn. De SGP is het hier niet mee eens maar vindt dat SEH-specialisten en -verpleegkundigen op deze afdeling behoren te zijn en dat, indien nodig, andere specialisten kunnen worden "ingevlogen" of de patiënt kan worden doorgestuurd naar de bewuste specialistische afdeling. Deelt het college deze mening?
Ons antwoord. Het college heeft geen rol in de bedrijfsvoering van het ADRZ.
Vraag 6
De SGP is juist van mening dat een Spoedeisende Hulp-afdeling heel erg noodzakelijk is in de vestiging Vlissingen van het ADRZ, gezien het aantal inwoners op Walcheren (ca.
100.000) en dat de werkdruk voor SEH-artsen en -verpleegkundigen bij het ADRZ verlicht kan worden door een SEH in Vlissingen te realiseren en daarvoor personeel aan te trekken. Vindt het college dit ook?
Ons antwoord. Het college is van mening dat de kwaliteit en bereikbaarheid van de zorg belangrijker zijn dan de locatie van de zorg. De Raad van Bestuur van het ADRZ geeft aan dat een grote SEH essentieel is voor de veiligheid van Zeeland en dat concentratie van de SEH-zorg noodzakelijk is om de kosten te kunnen dragen. In de beleidsregels van de Wet toelating zorginstellingen (Wtzi) is de norm van 45 minuten ten aanzien van de bereikbaarheid van SEH’s vastgelegd. Volgens de ‘Analyse gevoelige ziekenhuizen’ die in 2017 uitgevoerd is door het RIVM wordt hier voor Walcheren aan voldaan. Of het openen van een SEH in Vlissingen zou leiden tot een vermindering van de werkdruk is moeilijk te beoordelen. Door het spreiden van mensen en middelen wordt het werkmogelijk juist minder efficiënt georganiseerd waardoor de werkdruk zou kunnen stijgen.
Vraag 7
In het toeristenseizoen verdubbelt minimaal het aantal mensen op Walcheren. Daarom is de SGP van mening dat zeker in de periode vanaf april t/m oktober een afdeling SEH in het ADRZ te Vlissingen aanwezig moet zijn. Deelt het college de mening van de SGP?
Ons antwoord. Nee, ook in de zomerperiode wordt voldaan aan de norm van 45 minuten en kan in de huidige situatie de bereikbaarheid en kwaliteit van SEH-zorg gegarandeerd worden.
Vraag 8
Indien het college deze zorgen en meningen van de SGP deelt, ziet het college de noodzaak om hiervoor aandacht te vragen? Wat kan het college doen, het liefst samen met de colleges van Gemeenten Middelburg en Veere?
Ons antwoord. Het college heeft geen rol in de bedrijfsvoering van het ADRZ. Het ADRZ signaleert een aantal ontwikkelingen in de problematiek die zij op de SEH tegen komen en die invloed hebben op de werkdruk. Hierbij valt te denken aan psychische problematiek en oudere patiënten die door het ontbreken van mantelzorg op de SEH terechtkomen. Waar mogelijk nemen we deze signalen mee in het gemeentelijk beleid op deze velden.
Vraag 9
Is het college bereid om (samen met Middelburg en Veere) met betrokken partijen in gesprek te gaan en aandacht te vragen voor de werkdruk op de SEH en het feit dat deze
werkdruk verlicht zal kunnen worden door deze afdeling ook in Vlissingen te realiseren?
Ons antwoord. Mede op basis van het contact met het ADRZ naar aanleiding van uw vragen, zien wij op dit moment geen aanleiding om een dergelijk gesprek aan te gaan.

Wij gaan ervan uit u hiermee in voldoende mate te hebben ingelicht.

Hoogachtend,
burgemeester en wethouders van Vlissingen.